Vliegen

De enige regel is dat er maar tachtig woorden mogen zijn, niet meer, niet minder. Verder mag alles. Zes jaar geleden begon ik met deze reeks, die met forse tussenpozen groeide; dit zijn de nummers 39 en 40. Bij nummer 80 hou ik op – nog een heel eind te gaan.

 

De vliegen

We bedachten strategieën, plaatsten horren voor de ramen, hingen lange, kleverige strips aan het plafond. Toen schaften we een apparaat aan dat met vonken en geknetter de stank verspreidde van verschroeide haren. Desondanks bleven ze komen, hun metalig glanzend zoemen vulde ons bestaan, dreef ons tot wanhoop en waanzin.
We lazen de kranten niet meer, maar rolden ze op en mepten ermee als wilden. We liepen rond met schele hoofdpijn van het gif en riepen ons huis uit tot oorlogsgebied.

 

Insomnia

Twee reizigers op kousevoeten: je ogen volgen elke plooi, elke helling, elke bergpas van dit lakenlandschap, zoals het zich hier, in het schemerlicht, uitstrekt in de tijdloosheid van het tevergeefs wachten. Wachten op het duister dat niet komt, de stap omlaag, de val, de grazige alpenwei van de slaap.
Alleen, boven de bergtoppen, zweven de vluchtige vogels van je gedachten, waaien als warme valwinden omlaag, wervelen dan weer naar boven om daar opnieuw vogels te worden, krijsend van misplaatste vreugde.

 

© Ben Joosten 2019

Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s