Steenkoolrood en natriumoranje

Twee nieuwe zeer korte verhalen. Niet langer en niet korter mogen ze zijn dan tachtig woorden. Dat is de regel. Verder mag alles. Deze zaten er al een tijdje aan te komen, de tweede het eerst; maar toch was die het laatste af.

 

De gloed van kolen

We veegden het raam schoon en ademden het weer dicht; dan tekenden we met onze vingers letters, harten, bloemen; de zon; de maan; een glimlach. Buiten was de wereld koud en vroor je tong vast aan de leuning van de brug. Binnen hing de geur van drogend wasgoed en in de kachel gloeide het vuur mysterieus achter ruitjes van mica.
Mooier dan zo werd het niet. We hulden ons in dekens en oude gordijnen, jij bent Maria en ik Jozef.

 

Op de oranje aarde

Als alles stil is, behalve het rangeerterrein, achter de laan waar ik bij dag mijn bal tegen garagedeuren schop, dan leun ik uit het raam.
Schakels in een ketting lijken ze, wagon na wagon voorzien van nummers, namen, krijttekens. In het koude natriumlicht worden ze gekoppeld, ontkoppeld; buffer slaat tegen buffer, een rangeerlocomotief toetert schel. Dan: de trein die zich in beweging zet, langzaam, schoksgewijs, het schrapend geluid van ijzer op ijzer.
Lang klinkt het nog na in mijn dromen.

© Ben Joosten 2018

Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s